Maandelijkse
update van belevenissen in Afrika, nummer 3
|
Met Henri hebben we afgesproken 's avonds te gaan uiteten. Hij haalt ons om 7 uur op en rijdt dan vol vertrouwen door de pikdonkere straten van Lusaka. Straatverlichting is minimaal; waarom zou je meer willen? Het is een kwestie van prioriteiten in de besteding van de schaarse middelen. Maximaal zijn de potholes. Ik vind het doodeng. Er lopen overal mensen en als ze geen lichte kleren dragen, zijn ze moeilijk te zien. Er zijn geen fiets- en voetpaden en iedereen koerst volgens eigen vliegplan kris kras door het overige verkeer.
Ik zal straks ook moeten rijden in deze voor mij onbekende stad met al zijn gevaren, want die schijnen er genoeg te zijn. Henri onderhoudt ons tijdens de rit met verhalen over inbraken, tasjes roof, overvallen en vechtpartijen. " Nooit maar dan ook nooit 's avonds stoppen voor een verkeerslicht. In de stad rij je met afgesloten ramen en deuren en het is verstandig geen waardevolle artikelen bij je te hebben. " Zo worden we ingewijd in de gedragsregels van dit biotoop. Waarden en normen. Later zal ons blijken dat er niet meer rottigheid is dan in ons eigen Nederland, maar dat die zaken hier meer aandacht krijgen in de media.
Het restaurant heet " The Lusaka Club " Het maakt deel uit van een sportcomplex. Volle bak, zowel zwarte als blanke gasten. De peppersteak is de beste die ik ooit heb gegeten. Hij is groot en mals en wordt geserveerd met patatjes en een verrukkelijke salade. Ook het lokale bier, Mosi geheten, smaakt ons prima. En dat zal de komende jaren zo blijven. Na afloop gaan we nog iets drinken bij Henri en Roos thuis. Ze vertellen ons dat ze willen verhuizen naar een groter pand omdat het huidige wat aan de krappe kant is voor hun gezin met drie kinderen. Het huis heeft kleine kamers maar is zeker groot genoeg voor ons tweetjes plus de kat. De achtertuin bestaat o.a. uit een patio met bamboegras langs de wand. Verder is er een zwembad, een grasveld met veel vruchtbomen zoals papaja, mango, passionfruit, guave en meer. Helemaal achterin is een moestuin. Roos is geen tuinierster en de tuin, zoals hij nu is, is eigenlijk te saai voor mijn wederhelft. Het is nu een ideaal speelterrein voor kinderen maar Helen heeft al een plan getrokken. Ze ziet mogelijkheden om er een paradijsje van te maken zoals ze dat meermalen heeft laten zien in ons eigen land. Helaas hebben Henri en Roos nog geen huis naar hun zin kunnen vinden en wij zitten voorlopig nog wel even in het Gasthuis. |
De eerste impressies.
Ze zijn niet positief, maar soms hebben we een prettige uitschieter.
We leven uit koffers; verder hebben we niets.
Wat een verschil met ons luxe leventje in Nederland.
Het Gasthuis " King's Castle " behoort tot een religieuze groep.
Er hangen allemaal teksten op wanden en deuren, zoals: " Zoekt gij de Heer Jezus ", " Mag de Heer U zegenen en beschermen. "
De hele dag wordt er halleluja gezongen. Dit klinkt overigens beter dan house muziek en heeft daarmee een opvallende overeenkomst; het houdt nooit op.
De bediening is zwaar geindoctrineerd en erg timide.
Bij onze eerste maaltijd bestelden wij een biertje. De vriendelijke serveerder, genaamd Lovejoy, moest verlegen lachen want het hebben of verkopen van alcohol is absoluut tegen de huisregels.
Die jongen was zelf niet zo moeilijk, bleek al gauw.
Resultaat: Wij smokkelden wat blikjes bier naar binnen en hij verstopte ze in de koelkast.
Als de potige bazin uit India er niet is, worden wij verzorgd met heerlijk koel schuimend gerstenat.
Niet te geloven, samen honderd jaar oud en stiekem een biertje drinken!
Alles hier verloopt traag, onlogisch en inefficient.
Het ontbijt begint met toast die koud is wanneer Helen haar eitje krijgt.
Hierna komt mijn ei, dat gelijk met Helen's ei had kunnen komen, maar waarom eenmaal lopen als tweemaal ook kan?
Op tafel ontbreekt de peper, dus vraag ik Lovejoy of hij peper heeft.
" Ja " , antwoordt hij met een grote blijde Colgate-lach: " Ik heb zwarte, witte en Cayenne. "
De peper komt echter nooit, want ik had moeten zeggen: " Breng die peper hier. " Eigenlijk is het net of je een computer instrueert.
Afrikanen denken anders dan wij. Een van de andere gasten, een Amerikaanse professor, vroeg vanochtend aan de bediening om zijn plastic fles te vullen met gekookt water. Na enige tijd kreeg hij zijn fles terug in een heel andere vorm, gevuld met kokend water.
Het kraanwater is te drinken; je wordt er niet ziek van, maar het smaakt sterk naar chloor en ziet er niet helder uit. Het kopen van flessen water uit de supermarkt heeft onze voorkeur.